Angorakonijnen staan bekend om de extreem lange vacht en opbrengst van wol. De vacht van dit oudste konijnenras heeft ontzettend veel onderhoud nodig.

Een echt angorakonijn komt over het algemeen bij een fokker vandaan en is niet in een dierenspeciaalzaak te koop. Heb je dus een angora konijn uit een winkel, dan is de kans groot dat je geen ‘echte’ hebt. Het verschil tussen deze twee zit voornamelijk in de vacht. In dit artikel vertellen we je hoe je de echte van de ‘neppe’ kan onderscheiden en hoe je de vacht van angora konijnen moet verzorgen.

‘Nep’ en echt

Het ‘namaak’ angorakonijn is vaak een kruising tussen twee langharige konijnen, daar hoeft zelfs geen angorakonijn aan te pas zijn geweest.  De vacht van zulke kruisingen is heel moeilijk te onderhouden en klit en vervilt heel erg snel. In feite moet de vacht van zo’n kruising dagelijks gekamd, geborsteld en eventueel geknipt worden om klitten te voorkomen.

De vacht van een echt angorakonijn heeft een heel andere structuur en heeft lang niet zo’n intensief onderhoud nodig als de vacht van de kruising konijnen. Als je een ras-Angorakonijn koopt bij de fokker (Nederlandse Angorakonijnenclub), krijg je uitgebreide aanwijzingen voor en hulp bij de vachtverzorging.

Knippen angoravacht

De angoravacht moet beslist elke twee maanden worden geknipt omdat het onderste deel van het haar anders gaat vervilten. Als de angoravacht vervilt kan de huid niet meer ademen en kan het konijn sterven. Verder komt het regelmatig voor dat de poten van een verwaarloosd angorakonijn of een kruising vastgegroeid zijn aan de buik. Hierdoor kan het dier niet of niet fatsoenlijk meer lopen. Dit zijn vormen van dierenmishandeling die we beter kunnen voorkomen. De grootse viltplekken zitten meestal onder de oksels, in de liezen en tussen de tenen.

’s Zomers kan de vacht van een angorakonijn tot een halve centimeter kort geknipt worden, ’s winters moet er minstens 2 centimeter haar blijven staan, anders krijgt het dier het te koud. Na de winter knipbeurt moet het buiten-angorakonijn een paar dagen binnen gehuisvest worden, in een vocht- en tochtvrije schuur bijvoorbeeld, om kouvatten te voorkomen.

Niet waterproof!

Angorakonijnen en namaak-angorakonijnen mogen beslist niet in de regen zitten. Hun haren groeien namelijk rechtop, er is geen beschermende deklaag zoals bij ‘gewone’ konijnen. Elke regendruppel valt regelrecht op hun huid. Daardoor wordt een angorakonijn doornat en kan het een longontsteking oplopen. Omdat een konijn zich dat niet bedenkt en rustig in de regen blijft zitten, zul je beschermende maatregelen moeten treffen.